Megablog
29-09-2011, Niels Hoefnagels
In de week dat de politiek over niets anders praat dan over de
vorm (al was ‘doe eens normaal’ afgelopen weekend ook in het café en op het
sportveld een veel gehoorde uidrukking), hebben we het in de provincie gelukkig
gewoon over de inhoud. Over de landelijke inrichting van onze mooie provincie.
En nog specifieker: de welbekende ‘megastal’.
We hebben afgelopen maandag een werkbezoek gebracht aan enkele boerenbedrijven in het ‘Noorderpark’, ten noorden van de stad Utrecht.
De ene boer besteedt naast zijn boerenbedrijf veel aandacht aan de omgeving: het beheer van landschappelijke waarden rondom zijn grond en de aanleg van natuurvriendelijke oevers. Geen biologische boer, maar wel één die oog heeft voor de inrichting van onze provincie.
De ander is een biologische boer, die zorg draagt voor het beheer van een groot deel van de Bethunepolder. Hoge waterstand, geen goede grond, dus weinig melk per koe. Wel veel gevoel voor natuur en milieu. Maar: hij heeft voor zijn bedrijf een tekort aan ruimte, dus hij zal moeten uitbreiden, wil hij zijn werk kunnen blijven verrichten.
En dus: een megastal! Wat houdt dat in? Dat het terrein waarop hij
zijn stallen, zijn kuilplaatsen, zijn woning, zijn tuin en de landschappelijke
inpassing rondom zijn stallen heeft, groter is dan 1,5 hectare.
Waarom staan in de politiek toch vaak de cijfertjes
centraal? We praten over bouwblokken alsof de stal zelf anderhalve hectare
groot is. Welke ondertekenaar van het burgerinitiatief van Milieudefensie weet dat we met een verbod op
megastallen óók de mogelijkheid om biologisch te boeren beperken? En, net zo
belangrijk: dat we het inpassen van een stal in de omgeving (door het plaatsen
van bomen en struiken rondom de stal, zodat hij niet zoveel opvalt) juist
verminderen. Immers: die inpassing gaat van de ruimte van de stal af, zodat een
boer die aan dat maximum gebonden wordt, moet kiezen tussen de
levensvatbaarheid van zijn bedrijf en de landschappelijke inpassing. Dat is een
ongelijke strijd voor het landschap. Wij zijn er als provincie voor om die landschappelijke
inpassing wél mogelijk te maken.




word lid